| Title | Hoofdstuk 9 Vragen van internationaal privaatrecht in de cloud |
|---|---|
| DOI | https://doi.org/10.21827/69d8ec4f0de2d |
| Landing page | https://books.ugp.rug.nl/ugp/catalog/book/264 |
| Publisher | University of Groningen Press |
| Published on | 2026-04-17 |
| Long abstract | Clouddiensten en andere vormen van online dienstenverkeer hebben doorgaans een uitgesproken grensoverschrijdend karakter. Gebruikers nemen steeds vaker diensten af van in het buitenland gevestigde dienstaanbieders, terwijl servers, datacenters en ondersteunende dienstverleners zich eveneens in het buitenland bevinden.1 Bovendien worden gegevens veelvuldig over de landsgrenzen opgeslagen, verwerkt en doorgegeven. Deze internationale verwevenheid maakt dat het internationaal privaatrecht een centrale rol vervult bij juridische vraagstukken omtrent cloudcomputing. Is de Nederlandse rechter bijvoorbeeld bevoegd om te oordelen over een geschil dat voortvloeit uit het gebruik van een clouddienst die wordt afgenomen van een in de Verenigde Staten gevestigde onderneming? In hoeverre zijn partijen gebonden aan een in de gebruiksvoorwaarden opgenomen rechtskeuze? Speelt een dergelijke rechtskeuze ook een rol wanneer naast de cloudaanbieder subverwerkers of andere dienstverleners uit verschillende landen bij de dienstverlening betrokken zijn? Welk recht is van toepassing bij schade veroorzaakt door een storing, datalek of misbruik van data in de cloud? En in hoeverre kan een Nederlands vonnis jegens een Ierse dienstaanbieder in Ierland ten uitvoer worden gelegd? Deze en andere vragen van internationaal privaatrecht (ipr) staan in dit hoofdstuk centraal. |
| Page range | pp. 211-262 |
| Landing Page | Full text URL | Platform | |||
|---|---|---|---|---|---|
| https://books.ugp.rug.nl/ugp/catalog/book/264 | Landing page | https://books.ugp.rug.nl/ugp/catalog/view/264/524/1710 | Full text URL |
Mr. dr. K.C. (Kirsten) Henckel is universitair docent Internationaal Privaatrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen. Daarnaast is zij actief betrokken bij internationale academische samenwerkingsverbanden: zij is lid van de werkgroepen Digital Assets en het Jurisdiction Project van de European Association of Private International Law, en maakt deel uit van de redactie van diverse wetenschappelijke tijdschriften. Haar expertise omvat de commerciële aspecten van het internationaal privaatrecht, met bijzondere aandacht
voor grensoverschrijdende handelstransacties en de juridische implicaties van digitalisering en nieuwe technologieën. Zij doet onder meer onderzoek naar de wijze waarop technologische ontwikkelingen, zoals digitale activa, online handelsplatformen en de opkomst van AI, traditionele conflictregels en bevoegdheidsvraagstukken beïnvloeden.